Gastvrijheid voor de vreemdeling.
Kerst 2011.
Het is alweer meer dan een maand geleden dat wij samen met de mensen van het AZC
een maaltijd hebben gehouden om met hen de geboorte van de Heer Jezus te vieren .
Het is heel bijzonder om samen met mensen uit andere delen van de wereld het kerstfeest te
vieren. Het is goed om op een heel eenvoudige ,begrijpelijke manier het geweldige verhaal
Van de komst van onze Redder Jezus Christus te kunnen en mogen vertellen, samen te zingen en te getuigen.
Het was een fijne middag met veel helpende handen en een flink aantal vluchtelingen.
Ik hoop dat het niet blijft bij gastvrijheid tijdens de kerstdagen, maar dat we altijd gastvrij zullen zijn
Voor de vreemdelingen die in onze stad, ons land verblijven.
Dit schreef Eugene Poppe (bestuursvoorzitter Gave) in de Weergave , de nieuwsbrief van de Stichting Gave en wij als werkgroep “kerk en vluchteling” sluiten ons hierbij aan.
In het bijbel boek Job, (31:32) lezen we het volgende : De vreemdeling overnachtte niet op de straat:
Ik opende mijn deuren voor de reiziger.
God droeg zijn volk op om de vreemdelingen in hun midden lief te hebben als zichzelf (Lev. 19:34)
Dat is best een hele opdracht. Job geeft in zijn betoog aan hoe hij inhoud heeft gegeven aan deze
Opdracht. Hij zegt dat geen enkele vreemdeling in zijn omgeving op straat overnachtte. Als hij ze ontmoette opende hij zijn deuren voor hen. En daarbij opende hij eigenlijk twee deuren.
De deuren van zijn huis, maar allereerst de deuren van zijn hart. Want als je dat niet doet is de kans groot dat je allerlei uitvluchten bedenkt om vooral niet de deuren van je huis open te hoeven stellen voor de vreemdeling (lees asielzoeker). Je spreekt immers hun taal niet, dus hoe moet je communiceren.? Je begrijpt hun cultuur niet, dus is de kans best aanwezig dat je fouten maakt in de
omgangsvormen en hen daarmee beledigd. En verder zullen ze het wel vreemd vinden als je ze uitnodigt om bij je thuis te komen. We kennen elkaar immers niet. En zo zijn er vast nog meer uitvluchten om niet gastvrij te hoeven zijn.
Terwijl we in 1 Petrus 4:9 juist worden opgeroepen om gastvrij te zijn. Gastvrij zonder klagen.
Dat betekend dat gastvrij geen activiteit moet zijn, maar een levenshouding. En de Bijbel is ook heel
duidelijk aan wie we die gastvrijheid moeten tonen. Want in de oorspronkelijke taal van de Bijbel
is het woord “gastvrijheid” een samenvoeging van de woorden liefde en vreemdeling.
Dus in de Bijbelse zin is gastvrijheid het tonen van liefde aan de vreemdeling. En in het woordenboek van Van Dale staat de volgende omschrijving voor het woord gastvrijheid: het gul onthalen en herbergen van gasten.
De betekenis van gast is vreemdeling. We moeten zorgen dat de vreemdeling zich bij ons thuis voelt. Doet u mee?
Namens de werkgroep “kerk en vluchteling”
Adri Verschoor.
Klik hier voor het verslag van de gemeenteavond Kerk en Vluchteling op 7 november >>